Taiwan
Taiwan is een enorm gastvrij land, wat ik wel vaker gehoord heb als de goede eigenschap van Oosterse mensen. Ze mogen dan een stuk verlegener zijn dan Westerse, maar aardig, beleefd en gastvrij zijn ze zeker. Interessant zijn de mensen, hun manier van leven en hun vriendelijkheid. Alleen al om deze redenen zou je een keer naar dit land moeten komen.
De mensen lopen hier met paraplu's tegen de zon in plaats van tegen de regen. Ze willen niet bruin worden. De steden zijn erg chaotisch; je ziet meer scooters dan auto's op de weg en ik denk niet dat ze regels kennen. Degene met de oudste wagen komt in het algemeen het snelst een kruispunt over. De winkels hebben zoveel reclameborden dat je de ingang van de winkels niet meer kunt vinden. Het beroep winkelier is hier sowieso iets anders dan in Nederland. De mensen staan op voor hun werk en gaan ermee naar bed.
Ze eten hier aan ronde tafels, met in het midden een ronde draaitafel, waar allerlei schaaltjes met verschillende soorten eten kan staan. Ik heb ook het idee dat hier meer verschillende soorten voedsel te krijgen is. Het is erg lekker en ik heb van alles geprobeerd. Zeedieren als garnaal, krab, schelpdieren, octopus en vele soorten vis. Allerlei soorten groente en fruit. Groente en fruit die ik nog nooit gezien heb in Nederland en waar mijn Taiwanese vrienden ook geen Engelse naam voor wisten. Ze hebben hier het normale vlees dat ook in Nederland te krijgen is, alleen op een heel andere manier klaargemaakt en geserveerd. Maar ook heb ik, ja je gelooft het niet, struisvogel gegeten. Waarom nu net het dier dat ik alleen in Australië in het wild te zien kan krijgen. Eten als fruit en gewoon normaal brood is hier wel erg duur. Lokaal voedsel daarentegen is erg goedkoop. Ann, Linda en ik hebben in Alishan, een toeristische plaats, voor 25 gulden met zijn drieën gegeten. En we hadden zoveel dat we niet alles op konden.
Ik besluit dat ik ooit terug ga naar Taiwan. Enerzijds om vrienden als Ann, Linda, George, Jack en Kurt op te zoeken, maar ook om de fantastische natuur van het land (buiten de grote steden), de aardige mensen en het lekkere eten. De bergen en de oostkust vind ik toch wel qua natuur het mooiste deel van het land.
Het lijkt dat ik nu alleen de goede dingen opnoem, maar het enige dat ik vervelend vond aan Taiwan is het zweterige weer.
Wil je reageren?
Velden met een * zijn verplicht.